Gedicht geschreven door een van de vakantiepastores in juli 1972

Geschreven door een van de vakantiepastores in juli 1972 

In Midsland op Terschelling
ligt midden op de golven
van dit vakantieland 
een schip voor anker
vlakbij het rode baken 
met kenmerk “katholieke kerk”

hoog op de kruismast zit
een grote grijze zilvermeeuw
in plaats van gouden haar
eens heeft hier bisschop Petrus
de kerk in naam van God gedoopt
tot Petrus’ vissersboot

het scheepsvolk komt in drommen
hier aangefietst en toegelopen
voor een vakantietocht
het scheept zich in
de scheepsbel luidt
als sein voor het vertrek

daar gaat de stuurman
naar zijn post
daar vooraan op het dek
met vaste hand
houdt hij het roer
van de houten lezenaar

de trossen van de stemmen
worden losgesmeten
in het zingen van een lied
“zomaar een dak
boven wat hoofden”
het tentdak van een kerkkajuit

op hoog bevel van meester Jezus
steekt de stuurman snel van wal:
“kijk eens naar de zweren vogels
onbezorgd en vrij–uit zwevend
op wat er te nieten valt
van dag tot dag”

op hoge golven van zijn woorden
voert hij met luide stem
het luisterend scheepsvolk
ver met zich mee
de ruimte en de vrijheid in
van de eindeloze zee

ver van dat o zo vaste land
waar mensen in de aarde zwoegen
en grote schuren bouwen
als huizen van bewaring
van rijkdom die vergaat
en hen toch zo gevangen houdt

aan boord van deze vissersboot 
wordt het bruine visnet losgehaakt
en op het woord van meester Jezus
vrij neergelaten in de zee
vertrouwend dat als aan het meer
hij wonderen doet gebeuren

netten vol met mensenvissen
die zich gewillig laten vangen
in de bevrijding van zijn woord
en zich te goed doen aan de broden
die gratis worden rondgedeeld
uit mateloze overvloed

de stuurman in zijn witte pak
zijn koksmaat in een spijkerbroek
wordt ook aan het scheepsvolk hier
het brood gedeeld waarin de Heer
de vrijheid van de mensen voedt
tot liefde voor elkaar

met een een-twee-drie in Godsnaam
wenkt nu de stuurman met Zijn hand
om als besluit op hoop van zegen
als vrije vogels uit te vliegen
ver over deze zee van vrijheid
die God voor mensen schiep .

pastor Jan Schokkenbroek (Groningen , 1930) schreef dit gedicht voor pastor Wim de Rooij die op 23 juli 1972 voorging in de liturgie