overdenking Johannes 15, 9 - 17

9 May 2021 - Preek - Hervormde Gemeente Oost

Ik wil het niet dramatischer maken dan het al is, maar dat we een beetje uit ons doen kunnen zijn in deze tijd, is toch geen vreemde opmerking, denk ik. De oproep om zo goed als het kan afstand te bewaren tot elkaar heeft er namelijk ook toe geleid dat we wat angstig zijn geworden. Angstig voor elkaar. Het voelt niet goed om zomaar dichtbij te komen. We willen elkaar niet besmetten. We willen zelf ook geen gevaar lopen. Als we dichtbij elkaar komen hebben we mondkapjes op. Zou je dus ook kunnen zeggen dat het inmiddels een tweede natuur is geworden om elkaar uit de weg te gaan? Dat het in ons is gaan zitten om voorzichtig, vermijdend gedrag te vertonen? Wat heeft dat voor gevolg? Wat doet zoiets met ons?

In het evangelie dat in deze viering centraal staat is sprake van een groter verband waarin alle dingen hun plaats krijgen. Wij met ons gedoetje hier, wij maken volgens het evangelie van Johannes deel uit van een veel, veel grotere beweging. Deze beweging vormt een verband, een gemeenschap die rust op een bijzondere basis. Ik wil niet zweverig gaan klinken, maar het gaat hier over de beweging van de liefde. In de theologie wordt voor wie het horen wil iets bijzonders beweerd. God heeft een bijzondere relatie met de mens Jezus. Jezus wordt zijn zoon genoemd. Deze relatie van Vader en Zoon – zoals het genoemd wordt – bestaat uit liefde. Zoals het evangelie het zegt: De Vader heeft Christus lief. Dat is de relatie. Het is de liefde die Jezus deelt met zijn vrienden, en zijn vrienden delen deze liefde ook weer met alle mensen die zij tegenkomen. En daarmee wordt er iets verhelderd, er wordt iets aan het licht gebracht. Want dat is opvallend, wij delen iets fundamenteels met elkaar, dat is onze achtergrond, de basis waaruit wij bestaan; wij zijn allemaal geboren, wij delen met elkaar de pijn en de vreugde van het bestaan, wij zijn geschapen, wij zijn schepsels en daarom zijn wij verbonden met elkaar. Deze verbondenheid komt tot uitdrukking in de ervaring dat wij elkaars pijn kunnen voelen, zelfs op grote afstand. De saamhorigheid wordt duidelijk als we meemaken aangestoken te kunnen worden door elkaars vreugde, zelfs als je elkaar niet eens kunt zien. We zijn dus, zoals het evangelie ons voorhoudt, met elkaar verbonden, zomaar. Of, eigenlijk niet zomaar, maar door liefde.

Ik geneer me eigenlijk een beetje om dit zo in het algemeen te zeggen. Maar ik voel me er ook toe verplicht, want op deze manier begrijp ik nu eenmaal wat hier uit het evangelie naar voren komt. Dus ik dacht: vooruit dan maar. Maar toen ik er over nadacht schoot me te binnen dat er ook wel zichtbare tekens zijn die deze verbinding tussen ons allemaal laten zien. Want we zijn niet alleen allemaal zonder uitzondering uit een baarmoeder gekomen. We zijn niet alleen allemaal geboren. Later liggen we ook allemaal schouder aan schouder hier op het kerkhof. We zijn dus op een fundamentele manier verbonden met elkaar. Niet alleen door wat je doet of niet doet, maar vooral door de mens die je bent, doordat je mens bent. Dat is een manier van zijn die we met elkaar delen. Op een fundamentele manier. Jezus wordt Gods zoon genoemd en alle mensen zijn kinderen van God. Doordat je mens bent.

Het evangelie zegt van daaruit tegen ons: onderken dan die verbinding. Schat ‘m op waarde, deze verbondenheid. Je hoeft niet altijd meteen te beginnen met het zoeken van de verschillen. Probeer jezelf te zien in het licht van de liefde. Blijf jezelf zo zien, ook als dat moeilijk is. Vergeet niet de anderen, die je tegenkomt, ook in het licht van de liefde te zien. Ga door met je geloof in de liefde niet kwijt te raken. Onderken de bijzondere vreugde die hiervan het gevolg is. 
 

Wat is dit nu allemaal? Je zou het kunnen zien als een mentale training. Een training die duurt zo lang je leeft. Een mindset. Een levenshouding. Een denkwijze. Noem het voor mijn part geloof, vertrouwen. Maar vooral is het de evangelische uitnodiging om jezelf te zien in liefde. En de anderen ook.