We hebben naar een vrij nuchtere vertelling geluisterd. Niet overigens voor Jozef. Maar wel wanneer je het vergelijkt met het verhaal dat we nog zullen gaan horen in de viering van de kerstnacht, a.s. woensdagavond in de Westerkerk, in de Rooms-Katholieke kerk in Midsland, in de Meslânzer kerk (waar we nu ook zijn) en in de Sint Janskerk, de kerk van verder naar het oosten in Hoorn. Het verhaal dat daar verteld gaat worden uit het evangelie van Lucas is een vertelling met een keizer, met de reis van een zwangere vrouw, met een voederbak als enige plaats voor het pas geboren kind, met herders en hun schapen verderop in het veld en met een heus hemels engelenkoor, dat enthousiast zingt. Vrede op aarde. Maar dat is dus Lucas. Nee, dan gaat het er hier bij Matteüs heel wat kleinschaliger aan toe. Opvallend is bovendien dat niet Maria, ‘zijn moeder’, zoals het evangelie van Matteüs duidelijk vermeldt, dat niet de moeder van Jezus hier de hoofdpersoon is, maar de vriend van Maria, die Jozef heet. Nou moe! Om hem draait het hier, opvallend genoeg. Wat deze Jozef te doen staat is overigens heel belangrijk, maar het gebeurt dan wel in kleine kring, in de kleine kring van de familie. Er komt een droom aan te pas, waarin een engel optreedt. Ik droom over van alles, maar voor zover ik me herinner nooit over een engel. Misschien heb ik het niet door gehad. Want engelen hebben geen vleugels. Ze lijken erg op mensen. Het Griekse woord voor engel is aggelos, en in dat woord zit vooral de betekenis: boodschapper. De engel van de Ene, zoals Matteüs hem noemt, is vooral iemand die namens de hemel iets duidelijk wil maken aan Jozef. Hij komt een boodschap brengen. ‘Jozef, nakomeling van David luister! Niet bang zijn. Je kunt rustig je relatie met Maria voortzetten, want het kind dat zij verwacht is van de heilige Geest. Maria zal een zoon krijgen. Geef hem de naam Jezus. Hij zal zijn volk redden.’ Toen Jozef wakker werd, deed hij wat de engel hem had gezegd. En daarmee is Jozef daarom niet alleen de hoofdpersoon van deze vertelling, maar wordt hij zomaar de persoon die het beslissende doet. Hij neemt afstand van het besluit dat hij eerder had genomen om niet meer verder te gaan met Maria. En het evangelie van Matteüs zet alles in om ons duidelijk te maken dat het in de zwangerschap van Maria niet om iets hoewel bijzonders, wat een zwangerschap bij uitstek altijd is, maar dat het hier toch om iets volstrekt ongebruikelijks gaat, dat het hier gaat om iets wat niet te maken heeft met de gewone gang van zaken, vrouw, man, kind. Hier, schrijft Matteüs, is iets anders aan de hand. Des te uitzonderlijker is de handelwijze van Jozef, die dus goedbeschouwd, geen verwantschap deelt met de komende zoon van Maria. Maar wat hij eerst van plan was, dat laat hij los. Dat doet hij toch maar, die Jozef. Hij verandert van gedachte en handelt ernaar. Dat is een klein, dat is een groot gebaar. Het is ermee zoals de schrijver Etgar Keret heeft gezegd. Keret woont in Israël en heeft daar intensief de laatste jaren meegemaakt, ook na 7 oktober 2023. Hij zei: ‘De wereld is een donkere plek, maar er zijn vele kampvuren.’ Ja, die kampvuren, die zijn er. Je kunt ze in kleine kring meemaken in je persoonlijke leven, zo’n kampvuurtje in het donker. Het helpt om er aandacht voor te hebben, om erbij stil te staan, het je te herinneren, zo’n kampvuurtje, hoe kort of hoe lang geleden het ook was. Heb er aandacht voor. Ze zijn er niet voor niks die kampvuren. Ze helpen. Soms komen ze in het nieuws. De mensen die helpen. Toen afgelopen zondag op Bondi Beach tijdens het begin van de viering van Chanoeka één van de aanslagplegers uit zijn auto stapte, zagen Boris en Sofia Gurman (beiden in de zestig) het affiche van IS in die auto. Zij zagen ook dat de man die uitstapte een vuurwapen in handen had. Boris aarzelde niet en viel de man aan, en kon het wapen afpakken. Maar de aanslagpleger pakte een ander vuurwapen en schoot Boris Gurman dood, net als Sofia. Ahmed al Ahmed probeerde hetzelfde, zoals u ongetwijfeld heeft kunnen zien en slaagde er eveneens in om het vuurwapen af te pakken. Het lukte hem om de aanslagpleger te verjagen. Hij werd vervolgens wel zelf geraakt en ligt in het ziekenhuis. Er was ook iemand, Reuven Morrison, die bakstenen gooide naar een van de schutters, die daardoor een tijdje niet kon vuren, waardoor waarschijnlijk mensen zijn gered. Reuven werd doodgeschoten. Er waren meer mensen daar in actie om te helpen. Zij hebben zich verzet, een poging gedaan om het kwaad te stoppen of althans tijdelijk te verhinderen. Er zijn veel kampvuren. Deze zondag, de zondag van de vierde advent, nu er vier adventskaarsen branden, is daarom de zondag om ons te verheugen over die kampvuren, over de goedheid dus van andere mensen. Als de profeet Jesaja in moeilijke tijden de komst van een geboorte aankondigt, dan heeft hij het over een teken, dat door God zelf gegeven zal worden. De geboorte is het teken. En een geboorte, dat weet u, dat betekent iets nieuws. Jesaja heeft het er over, dat degene die geboren wordt. Immanuel genoemd zal worden. En dat de betekenis van de naam Immanuel is: ‘God met ons’. Boter en honing zal het kiind eten totdat hij in staat is om te kiezen. Hij moet leren om voor het goede te kiezen en niet voor het kwade. Het kunnen duistere tijden zijn, het kan een diepe nacht zijn, maar des te meer letten we op de kampvuren. Op de mensen die goed doen. Op degene van wie wij de komst in deze tijd vieren, degene die geboren wordt. Zoals het lied dat we na de preek zullen zingen zegt: ‘Open uw hart, geloof uw ogen, vertrouw u toe aan wat gij ziet.’ Het zou kunnen, dat we dat nog moeten leren, om niet bang te zijn, zoals de engel aan Jozef liet weten in zijn nachtelijke droom. Dat we moeten leren om blij te zijn, om ons te verheugen over de goedheid van wat er al gebeurt. Over de goedheid van anderen, overal ter wereld. Zoals Matteüs ons liet weten over Jozef.
Matteüs 1, 18 – 25 en Jesaja 7, 1 - 17
Jozef
21 December 2025 - Preek - Hervormde Gemeente Oost
